Milaan - Het onderzoek naar de dood van Abderrahim Mansouri, die op 26 januari werd doodgeschoten tijdens een inval in de drugshotspot Rogoredo, brengt steeds ernstigere beschuldigingen aan het licht. De scherpschutter van de politie, assistent Carmelo Cinturrino, wordt nu onderzocht voor moord met voorbedachten rade. De beschuldigingen worden ondersteund door verklaringen van de drugsscène en ondervragingen van vier collega's van de agent. Deze collega's, tegen wie een onderzoek loopt wegens vriendjespolitiek en het niet verlenen van hulp, verklaarden dat de verdachte de operatie grotendeels alleen had geleid en zich distantieerde van de misdaad.
Verdenking van chantage en geknoei met bewijsmateriaal
Onderzoekers van de Squadra Mobile onderzoeken berichten dat de politieagent, die de schuilnaam „Luca“ gebruikte, dagelijks „beschermingsgeld“ zou hebben geëist van Mansouri en andere dealers. Getuigen hebben het over bedragen tussen de 100 en 200 euro en over drugsleveringen die de agent eiste. Een verslaafde meldde zelfs dat hij de politieagent kleingeld moest geven voor een totaalbedrag van negen euro bij gebrek aan andere middelen. Mansouri zou de eisen hebben geweigerd, wat tot spanningen leidde.
Er wordt ook vermoed dat er geknoeid is met de plaats delict. Een neppistool zonder rode kap dat naast de dode man werd gevonden, zou daar achteraf kunnen zijn neergelegd. Video-opnames suggereren dat een collega van de schutter in de 23 minuten tussen het schot en de oproep aan de hulpdiensten een tas uit een politiebureau heeft gehaald, waarin de dummy zou kunnen hebben gezeten. Op het voorwerp zijn genetische sporen gevonden. De beschuldigde politieagent blijft volhouden dat hij uit zelfverdediging handelde.




















